Wanneer is het eigenlijk genoeg?
Je cijfers zijn best goed, maar die 7 had eigenlijk een 8 kunnen zijn. Je bent deze week twee keer naar de sportschool geweest, terwijl je jezelf had voorgenomen om drie keer te gaan. Vanavond vraagt een vriendin of je meegaat. Eigenlijk ben je moe en zou je het liefst thuisblijven, maar als je niet gaat, mis je misschien iets. Dan is er ook nog die andere vriendengroep. Je team. Je vriendje. School, huiswerk en misschien ook nog een bijbaantje.
Dus je gaat toch. Want als je om je heen kijkt, lijkt iedereen het allemaal te kunnen combineren. Toch? Die druk om het allemaal goed te moeten doen, wordt vaak prestatiedruk genoemd. Maar het gaat allang niet meer alleen over presteren op school. Ook je sociale leven, je uiterlijk, sporten en zelfs ontspannen lijken soms dingen geworden die je ‘goed’ moet doen.
Wanneer doe je eigenlijk niets?
En dan bedoel ik niet niets terwijl je ondertussen op TikTok zit of niets terwijl je in je hoofd alvast bezig bent met alles wat morgen moet gebeuren. Ik bedoel echt even niets. Geen huiswerk dat nog af moet, geen sportschool omdat je deze week nog niet vaak genoeg bent geweest, geen appjes die beantwoord moeten worden en geen plannen voor straks. Gewoon even zijn.
We leven in een wereld waarin je voortdurend kunt zien wat anderen aan het doen zijn. Je ziet iemand die om zes uur 's ochtends al in de sportschool staat, iemand anders haalt alleen maar achten en negens en een groep vriendinnen zit samen op een terras. Ondertussen komt er een filmpje voorbij van een stelletje dat alweer een jaar dolgelukkig is. En die influencer die je volgt? Die sport, eet gezond, heeft een prachtige kamer, leuke vrienden, mooie kleding, gaat op reis en vertelt ondertussen dat het vooral belangrijk is om goed voor jezelf te zorgen.
Ergens weet je natuurlijk best dat je niet het hele leven van iemand ziet. Je ziet een stukje. Een foto, een filmpje, een paar seconden uit een dag. Maar al die losse stukjes leg je ongemerkt wel naast jouw eigen leven. Niet naast de mooiste tien seconden van jouw dag, maar naast alles. Ook naast die ochtend waarop je haar niet zit, je een onvoldoende terugkrijgt, ruzie hebt met je moeder en het liefst de hele dag in bed zou blijven liggen. Dan kan zomaar het gevoel ontstaan dat jij iets niet goed doet. Dat je achterloopt of gewoon wat beter je best moet doen.
Maar wie heeft eigenlijk bedacht dat dit allemaal moet?
Dat je goede cijfers moet halen én sociaal moet zijn. Dat je een mooi en fit lichaam moet hebben, waarvoor je natuurlijk meerdere keren per week naar de sportschool gaat. Je hebt vrienden op school, vrienden bij je sport en het liefst ook nog een groep daarbuiten. Er moet tijd zijn voor feestjes, verjaardagen en gezelligheid, en als je een vriend of vriendin hebt, wil je daar natuurlijk ook aandacht aan geven.
Je kleding moet leuk zijn, je huid rustig, je kamer gezellig en je leven interessant genoeg om af en toe iets van te kunnen delen. Terwijl je al die ballen in de lucht probeert te houden, moet je vooral ook nog ontspannen, spontaan en gelukkig zijn. Best veel eigenlijk.
Zoveel dat je soms nauwelijks meer merkt hoe het écht met je gaat. Want terwijl je hoofd zegt: kom op, nog even, niet zeuren, kan je lichaam allang iets anders vertellen. Je merkt dat je moe bent, dat je buik al de hele dag gespannen voelt of dat je steeds vaker hoofdpijn hebt. Je raakt sneller geïrriteerd om kleine dingen of merkt dat je eigenlijk helemaal geen zin hebt om vanavond alweer ergens naartoe te gaan. Soms wil je zelfs gewoon huilen zonder dat je precies weet waarom. Je lichaam zegt dan eigenlijk iets heel eenvoudigs: Het is even genoeg.
En wat als je daar eens naar luistert?
Niet naar wat je vriendin ervan zou vinden als je afzegt. Niet naar wat je op Instagram ziet en ook niet naar dat stemmetje in je hoofd dat zegt dat je je niet zo moet aanstellen. Maar naar jezelf. Wanneer heb jij jezelf voor het laatst echt gevraagd: Hoe gaat het eigenlijk met mij?
Niet: Hoe zou het met mij moeten gaan? Of: Wat vinden anderen ervan als ik dit niet doe?
Maar gewoon: Wat voel ik eigenlijk? Waar merk ik dat in mijn lichaam? En wat heb ik op dit moment nodig?
De ene dag kan het antwoord zijn dat je heel graag naar de sportschool wilt, omdat je daar je hoofd leegmaakt en blij wordt van bewegen. Een andere dag kan je lijf aangeven dat het veel liever in een joggingbroek op de bank ligt. Het één is niet beter dan het ander.
Net zoals je de ene zaterdag enorm veel zin kunt hebben om met je vrienden mee te gaan en een week later merkt dat je eigenlijk liever thuisblijft. Je hoeft niet iedere dag hetzelfde nodig te hebben.
Je hoeft niet overal bij te zijn
Dat is best lastig in een wereld waarin je precies kunt zien wat er gebeurt wanneer jij er niet bent. Terwijl jij thuis op de bank zit, gaat de rest gewoon door. Er worden foto's gemaakt, filmpjes gedeeld en er wordt gelachen om iets waar jij maandag misschien niets van begrijpt. Dat kan rot voelen.
Toch betekent ergens een avond niet bij zijn niet automatisch dat je er niet meer bij hoort. Een echte vriendschap verdwijnt niet omdat jij een keer voor jezelf kiest. Jij wordt niet minder leuk omdat je moe bent. Je bent niet minder waard omdat je een onvoldoende haalt en je loopt ook niet achter wanneer je geen relatie hebt of nog geen idee hebt wat je later wilt. Je hoeft niet alle versies van jezelf tegelijkertijd voor elkaar te hebben. Sterker nog, het kan best zijn dat je niet méér je best hoeft te doen, maar juist wat minder.
De volgende keer dat je denkt: ik moet eigenlijk…
Stop dan eens heel even voordat je automatisch doorgaat. Vraag jezelf af: Moet ik dit echt? Wil ik dit zelf? Of ben ik vooral bezig met wat iemand anders ervan zou vinden als ik het niet doe?
Je hoeft vervolgens niet meteen je hele leven om te gooien. Het kan al beginnen met een avond waarop je bewust niets plant. Een keer niet meegaan omdat je eigenlijk doodmoe bent. Je telefoon wegleggen zonder te hoeven weten wat iedereen aan het doen is. Of die 7 gewoon een 7 laten zijn, zonder meteen uit te rekenen welk cijfer je de volgende keer nodig hebt om gemiddeld een 8 te staan.
Luister vooral eens wat vaker naar wat jouw lichaam je probeert te vertellen. Want je hoofd kan nog heel lang zeggen dat je door moet gaan, dat je niet moet zeuren en dat anderen het toch ook allemaal kunnen.
Je lichaam is daar vaak een stuk eerlijker in.
Je hoeft niet overal bij te zijn. Je hoeft niet alles goed te doen en je hoeft ook niet voortdurend bezig te zijn met de beste versie van jezelf worden. Je mag ook gewoon jezelf zijn, met dagen waarop je veel energie hebt en dagen waarop dat niet zo is. Met dingen waar je goed in bent en dingen die niet lukken. Met vrienden én met momenten waarop je liever alleen bent. Niet alles hoeft altijd beter, mooier, leuker of meer te zijn.
Soms mag je gewoon even stoppen en voelen: voor vandaag is dit genoeg.
En morgen? Dan kijk je wel weer verder.

